Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven
Uw zoekacties: Voorwerpencollectie
xVoorwerpencollectie
Zoeken in Voorwerpencollectie
Voorwerpencollectie
>
Zoektermen

Wildcards kunnen het zoeken vergemakkelijken:

  • Een ? (vraagteken) vervangt een letter
  • Een * (sterretje) vervangt een aantal letters
  • Door een $ (dollarteken) voor een zoekterm te zetten, zoekt u naar woorden die op elkaar lijken.

Meer zoektips vindt u hier.

beacon
75 zoekresultaten
gesorteerd op:
 
 
weergave:
Pagina: 13
 
 
Voorwerp
VW-Z140-019 Postulantenmuts
Titel:
Postulantenmuts
Eenheid van de maten:
cm
Collectie:
Nederlands kloosterleven
Materiaal:
Wit katoenen gesteven en geplooide band op zwarte wol gestikt
Lengte:
34
Deelcollectie:
Zusters van de Goddelijke Voorzienigheid (Tegelen)
Beschrijving:
Muts met geplooide band of roes en een klein kraagje in de nek. Werd in Nederland door de postulanten van de Zusters van de Voorzienigheid uit Tegelen gedragen tot 1948. De geplooide band vooraan de muts werd met enkele grove steken vastgezet op de muts zodat deze gemakkelijk los kon worden gehaald om te wassen. De muts is waarschijnlijk na 1880, toen de geprofeste zusters hun zwarte muts aflegden en de sluier gingen dragen, ingevoerd als postulantenmuts
Datering:
1876-1948
Documentatie:
Kopieën van verschillende lijstjes met kledingstukken en andere benodigdheden die door de kandidaat-zusters meegenomen moesten worden naar het klooster en aanwijzingen voor het wasgebruik. Aanwezig in documentatiemap. Archiefinventarisnummer AR-Z140-8026
Opmerking:
Voor meer informatie over de kleding van 1842 tot 1956 zie archief van de zusters onder inventarisnummer 8026
Trefwoorden:
Objecttrefwoorden:
Bestanden Bestanden
 
 
 
 
 
Voorwerp
VW-Z079-096 Sluier
Titel:
Sluier
Breedte:
67
Materiaal:
Linnen
Eenheid van de maten:
cm
Lengte:
68
Collectie:
Nederlands kloosterleven
Deelcollectie:
Ongeschoeide Karmelietessen
Beschrijving:
Nachtsluier. Deze sluier heeft een stevige brede zoom voor de spelden. Gedragen tot ongeveer 1968. Ze werden onder de kin en bij het achterhoofd vastgespeld. Plechtig geprofeste zusters droegen daarover, bij wijze van zwarte sluier, een zwarte band. Hierdoor deed het geheel denken aan Arabische hoofdbedekking. De nachtsluier werd afgeschaft toen de zusters hun haar lieten groeien
Datering:
z.j.
Organisatietrefwoorden:
Objecttrefwoorden:
Bestanden Bestanden
 
 
 
 
 
Voorwerp
VW-Z140-007 Kap met sluier
Titel:
Kap met sluier
Eenheid van de maten:
cm
Collectie:
Nederlands kloosterleven
Materiaal:
Wit gebreid stoffen mutsje (1), wit gesteven katoen (2, 3, 4), rotan (4), zwarte stofmix (5)
Breedte:
42 (2); 15,5 (3); 14 (4); 118,5 (5)
Lengte:
24 (1); 51 (2); 30 (3); 79,5 (4); 118,5 (5)
Deelcollectie:
Zusters van de Goddelijke Voorzienigheid (Tegelen)
Beschrijving:
Onder de kap droegen de zusters een mutsje ter bescherming tegen de kou en ter bescherming van de sluier tegen huidvet. Tot 1956 was het normaal de haren af te scheren. Ter bevestiging van de kap op het hoofd werd bovenop het mutsje allereerst de collaar, een strook witte (gesteven) stof die op de borst neerhangt, bevestigd. De smalle stroken van de collaar worden bovenop het hoofd aan elkaar vastgespeld en de brede stroken op de achterzijde van het hoofd. Vervolgens wordt de, uit twee stroken gesteven stof bestaande, hoofdband in vorm gebracht door twee spelden en met behulp van een apart te bevestigen elastiek op het hoofd vastgezet. Volgens de statuten van de congregatie uit 1925 doet het bandje denken aan "de kroon die de Heiland zijn trouwen bruid heeft bereid". Als laatste volgt de 'streep' met riet. De 'streep' is een witte gesteven net niet dubbelgevouwen strook stof met aan de dubbelgevouwen lange zijde een afgestikte tunnel waardoor een rietje kon worden geschoven. Deze rietjes van rotan werden op lengte aangeleverd en moesten door de zusters zelf in model worden gebracht. Dit gebeurde door het rotan vochtig te maken, in model te brengen en vervolgens op die wijze te laten drogen. Aan de buitenzijde van de 'streep' wordt de zwarte sluier bevestigd, met behulp van spelden met een zwarte kop. De 'streep' met sluier wordt met behulp van twee aan de binnenzijde van de 'streep' gestoken spelden aan de haakjes die op het collaar zitten bevestigd. De 'streep' wordt aan de bovenzijde nog een keer vastgespeld aan de hoofdband. De constituties duiden de sluier als teken van bescheidenheid en symbool van de geestelijke verloving met Christus.
Datering:
1876-1956
Documentatie:
Kopieën van verschillende lijstjes met kledingstukken en andere benodigdheden die door de kandidaat-zusters meegenomen moesten worden naar het klooster en aanwijzingen voor het wasgebruik. Aanwezig in documentatiemap
Opmerking:
Extra riet (bijna doormidden) aanwezig; spelden in hoofdband en 'streep' aanwezig. Voor meer informatie over de kleding van 1842 tot 1956 zie archief van de zusters onder inventarisnummer 8026
Trefwoorden:
Objecttrefwoorden:
Bestanden Bestanden
 
 
 
 
 
Voorwerp
VW-Z079-065 Ondersluier
Titel:
Ondersluier
Breedte:
43
Materiaal:
Linnen
Eenheid van de maten:
cm
Lengte:
58
Collectie:
Nederlands kloosterleven
Deelcollectie:
Ongeschoeide Karmelietessen
Beschrijving:
Ondersluier of dagsluier, zwart. Deze sluiers werden onder het scapulier gedragen, maar werden naar opzij vrij getrokken. Van achter viel zo de punt in het scapulier. Dit was alleen 'huisdracht'. Voor koor, spreekkamer of bezoek aan de tandarts droeg men de 'communiesluier' erover heen (!) In 1966 werden de beide sluiers vervangen door één sluier, die praktisch en netjes was en niet gespeld hoefde te worden
Datering:
z.j.
Organisatietrefwoorden:
Objecttrefwoorden:
Bestanden Bestanden
 
 
 
Pagina: 13
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS